Jef Delen, de man die overdag het gras maaide en ’s avonds tegen Anderlecht ging spelen

Jef Delen haalt met trots het truitje van Westerlo nog eens uit de kast. Foto RV

Hoe zou het nog zijn met Jef(ke) Delen (43)? In het rustieke Beerzel geniet de oud-voetballer van zijn sportief pensioen. De sympathieke Kempenaar ontvangt ons even openhartig als we van hem zouden verwachten: met het hele gezin en een stuk taart. Ondertussen springen vrienden binnen die een geleende haagschaar komen halen. Hij kijkt met veel plezier terug op zijn periode bij Westerlo, maar laat bewust het drukke voetbalwereldje achter zich. “Voor een job in het voetbal ben ik te braaf.”

Door MICHAËL CLAESSENS & SVEN VAN LONDERSELE

Je bent al acht jaar op voetbalpensioen. Wat heb je in tussentijd allemaal gedaan?

Zeer uiteenlopende dingen. Ik heb onder andere een opleiding bos- en natuurbeheer gevolgd, omdat buiten zijn en de natuur me altijd geboeid hebben. Na die studie leek ik uitzicht te hebben op een job, maar door besparingen in de sector is dat uiteindelijk niet doorgegaan. Nadien ben ik in de horeca terechtgekomen. Er was eerst het plan om een koffiebar te openen met een vriend. Dat was zo goed als rond, we hadden zelfs al de sleutel van het pand gekregen. Toen alles getekend moest worden, is het plan alsnog afgesprongen. Van 2015 tot 2016 heb ik uiteindelijk een horecazaak, Bar Jardin, uitgebaat met twee partners. De zaken gingen goed, maar na een tijdje werd één iemand ziek en kon de ander Bar Jardin niet meer combineren met zijn andere horecazaak. Als enige zaakvoerder was het bijna onmogelijk om het café te combineren met mijn gezinsleven, dus hebben we er een punt achter gezet.

Waar ben je momenteel mee bezig?

Ik werk intussen drie à vier jaar voor het fietsenmerk Norta. Via het interimkantoor werd ik in dienst genomen als chauffeur om fietsen af te leveren. Dat heb ik twee jaar gedaan. Nadien kreeg ik de vraag om vertegenwoordiger te worden, en tot vandaag vervul ik die functie nog steeds met veel plezier. Ik had nooit verwacht om in deze sector terecht te komen, maar ik voel me heel goed bij Norta. Het is een warm familiebedrijf waar ik me snel thuis voelde. Dat is een waarde die altijd heel belangrijk is geweest voor mij.

Ook in het voetbal, zo lijkt wel. Al jouw ex-clubs liggen in de buurt.

Absoluut. Het was voor mij altijd een must om dicht bij de familie en vrienden te kunnen blijven wonen. Daarom was Westerlo de ideale club voor mij en ben ik er twaalf jaar gebleven. Het is een warme club waar altijd een goeie sfeer heerste, en het lag op slechts twintig minuten rijden van mijn huis. Een betere combinatie bestond niet.

Heb je na je carrière nog gevoetbald?

Ik ben onmiddellijk begonnen bij het liefhebbersploegje in ons dorp, waar mijn vrienden al langer speelden. Dat doe ik vandaag nog altijd. Onze wedstrijden zijn vrijdagavond en ik hoef niet elke week mee te doen, wat maakt dat het ook voor mijn gezin optimaal is. Eigenlijk moest ik zelfs niet stoppen in 2012, ik was fysiek nog in orde en Westerlo had mij graag gehouden, maar het was puur een mentale kwestie. Ik had het wat gehad met professioneel voetbal en alle bijhorende druk. Dat is ook de reden dat ik niet in de amateurs- of provinciale reeksen ben gaan spelen. Voetbal komt sinds mijn afscheid op de laatste plaats.

Voetbal staat vandaag op de laatste plaats

Journalisten in kleedkamer

Heb je ooit een job in de voetbalwereld overwogen?

Dat is voor mij nooit een optie geweest. Het had nochtans gekund, Westerlo was meteen vragende partij voor een functie binnen de club, maar ik heb dat vriendelijk geweigerd. Ik ging als speler heel graag trainen en wedstrijden spelen, maar alles errond sprak mij niet aan. Het voetbal kan een harde en vieze wereld zijn en daar ben ik te braaf voor.

Welke dingen mis je aan het profvoetbal?

Eigenlijk niets. Als er dan toch iets is dat me bijgebleven is, is het vooral de goede sfeer en het kameraadschap die altijd aanwezig waren bij Westerlo. De club was daarin absoluut een voorbeeld. Wat me ook zal bijblijven, is dat journalisten mijn eerste vier à vijf seizoenen gewoon bij ons in de kleedkamer kwamen. Wij stonden na de match onder de douche en zij kwamen hun vragen al stellen. (lacht) Dat ging er wel gemoedelijk aan toe, maar het was toch beter toen de mixed zone werd opgericht.

Heb je nog contact met mensen uit het voetbal?

Heel weinig, dat is jammer genoeg de gang van zaken. Iedereen heeft zijn eigen leven na het voetbal. Normaal gezien was er volgend weekend (vorige zaterdag 21 maart, red.) een legends wedstrijd tussen Westerlo en Lierse, maar door het coronavirus is die afgelast. Als er nog sporadisch contact is, is dat met mensen van mijn periode bij Verbroedering Geel, voor mijn tijd bij Westerlo. Echte vrienden heb ik dus niet overgehouden aan het voetbal. Als ik ex-ploegmaats of -trainers, zoals Ronny Gaspercic, Marc Wagemakers of de Caje (Jan Ceulemans, red.), tegenkom, is het steeds heel gemoedelijk. Soms worden ook bijeenkomsten voor ex-spelers gehouden. Het doet dan wel eens deugd om ploegmaats van vijftien of twintig jaar geleden terug te zien. De goede vibe van weleer wordt op zo’n momenten meteen weer opgepikt. (lees verder onder de foto)

In de beginjaren bij Verbroedering Geel. Met deze ploegmaats heeft Delen nog sporadisch contact. Foto Panini

Was er op het veld iemand waarmee je een echte klik had?

Met Nico Van Kerckhoven klikte het zeer goed. Op een gegeven moment plaatste de Caje mij op de linksachter omdat er niemand anders was. Uiteindelijk ben ik daar de zes resterende jaren van mijn carrière blijven staan. Ik vond dat niet de leukste positie, maar Nico speelde links in de verdediging en dat was voor mij een zegen. Nico had een internationale carrière uitgebouwd en als ik eens een gat liet vallen, wist ik dat hij het wel zou oplossen. Ook naast het veld was hij een geweldige gast.

Stel eens het ideale ‘Jef Delen-elftal’ samen met spelers waarmee je gespeeld hebt.

Doelman: Bart Deelkens. Ik heb heel lang met Bart samengespeeld en naast hem in de kleedkamer gezeten. Hij was ook de doelman in de gewonnen bekerfinale.

Rechtsachter: Marc Schaessens. Een uitstekende voetballer die bovendien de assist gaf voor mijn doelpunt tegen Lommel.

Centrale verdediging: Rudy Janssens en Nico Van Kerckhoven. Twee mannen van de streek met een pak ervaring, dat kan niet mislopen.

Linksachter: Jef Delen. Als ik mezelf er mag tussen zetten tenminste. (lacht)

Centraal middenveld: Lukas Zelenka en Bart(je) Willemsen. Zelenka was een echte patron op het middenveld, Willemsen was een van de meest getalenteerde spelers waarmee ik gespeeld heb. Hij stond aan de aftrap in de bekerfinale en had bij AA Gent getekend, maar is op 22-jarige leeftijd noodgedwongen moeten stoppen met voetballen. Op een dag werd hij wakker en geraakte hij niet meer uit zijn bed door artrose op zijn heup. Een triest verhaal.

Rechtsvoor: Christian Brüls. Ik twijfel tussen hem en Oleksandr Iakovenko, omdat het twee fantastische spelers zijn die dat tikkeltje extra hebben. Uiteindelijk kies ik toch voor Brüls, omdat hij vandaag voor Westerlo speelt.

Linksvoor: Nabil Dirar. Een ongelooflijk creatieve speler die uit het niets het verschil kon maken. Een dodelijke linkerflank samen met mij. (lacht)

Spitsen: Toni Brogno en Jaja Coelho. Toni was zonder twijfel de beste spits waarmee ik heb gespeeld, de Braziliaan Coelho was dan weer een heel polyvalente aanvaller die veel goals maakte. Hij speelt in steun van Brogno.

Trainer: de Caje natuurlijk, daar hoeft geen uitleg bij. (lees verder onder de foto)

Het Jef Delen Ultimate Team visueel voorgesteld. Foto RV

Engelse interesse

Wat zijn de hoogtepunten uit jouw carrière?

Uiteraard de winninggoal in de bekerfinale met Westerlo tegen Lommel in 2001, maar er waren nog zoveel andere mooie momenten. Ik heb ooit eens vier doelpunten gemaakt op Moeskroen, dat doen de meeste spitsen me zelfs niet na. (lacht) Met KFC Tielen, toen een tweedeklasser, speelden we in 1997 de halve finale van de Beker van België tegen Anderlecht. We verloren twee keer met het kleinste verschil, dus we hebben het de vedetten van Anderlecht niet cadeau gedaan. Ook de promotie met Geel naar eerste klasse een paar jaar later staat in mijn geheugen gegrift. Dat betekende de lancering van mijn carrière op het hoogste niveau. (lees verder onder de foto)

Delen met de Beker van België in 2001. In de finale scoorde hij het enige doelpunt. Foto Het Nieuwsblad

Je bleef uiteindelijk twaalf jaar in ’t Westelse Kuipje. Heb je nooit overwogen om een stap hogerop te zetten?

Ik had zeker voldoende aanbiedingen, in België was onder andere AA Gent geïnteresseerd. Ik kon ook naar Nederland, waar NAC Breda en Willem II een voorstel klaar hadden liggen. Na mijn eerste seizoen in eerste klasse, bij Geel, had ik zelfs een aanbieding van Portsmouth op zak. Dat team speelde toen in de Engelse tweede klasse. Maar uiteindelijk had ik zelf nooit écht interesse. Ik voelde me goed waar ik zat en uiteindelijk is zo’n transfer altijd een groot risico. Ik kon elders misschien meer verdienen, maar als een avontuur in Nederland of Engeland was mislukt, was mijn carrière misschien volledig in het slop geraakt. Ik heb dus zeker geen spijt van mijn keuze om zo lang bij Westerlo te blijven. Ik heb er mooie herinneringen met uitschieters (twee bekerfinales, Europese wedstrijden, enzovoort). Ik ben zeker trots op mijn carrière.

Op het einde van je laatste seizoen ben je wel gedegradeerd met Westerlo. Was dat een smet op je carrière?

Dat was echt heel zuur. Het jaar ervoor speelden we nog de bekerfinale. Toen zwaaide Nico Van Kerckhoven, een ander clubmonument, af. Ondanks dat we die finale verloren, kon hij met een goed gevoel op pensioen gaan. Bij mij bleef er altijd een wrange nasmaak hangen, maar uiteindelijk woog dat niet op tegen alle mooie herinneringen die ik aan Westerlo en mijn andere clubs heb. Ik heb dus ook nooit overwogen om er alsnog een jaartje bij te doen. Mijn besluit stond vast.

Ik heb intenser genoten van de verloren bekerfinale in 2011 dan van de winst tien jaar eerder

Doordat je Westerlo nooit verlaten hebt en aan de lokroep van het geld hebt weerstaan, ben je eigenlijk een atypische voetballer.

Inderdaad, dat kan je wel zeggen. Ik speelde wel graag voetbal, maar eens ik thuiskwam, moest het daar niet meer over gaan. Als er Europees voetbal op tv was, wou ik die matchen niet per se bekijken. Ik heb ook nooit een PlayStation gehad, ik ben daar veel te zenuwachtig voor. Ploegmaten organiseerden wel eens PlayStation- of LAN-party’s, maar na verloop van tijd vroegen ze mij ook vriendelijk om niet meer te komen. (lacht) Ik was en ben veel liever buiten bezig. Als we ’s avonds match hadden, zelfs tegen Anderlecht, ging ik overdag nog in de tuin werken. Dat ‘bezig zijn’ maakte mij tijdens de wedstrijd ook beter, anders had ik veel te zware benen. (lees verder onder de foto)

In duel met Jonathan Legear (Anderlecht). Eerder die dag werkte Jef wellicht in zijn tuin. Foto Het Nieuwsblad

Selfie in New York

Had je dezelfde carrière bij Westerlo kunnen uitbouwen zonder het befaamde doelpunt tegen Lommel?

Het had zeker gekund zonder dat doelpunt, maar het heeft wel me een stevig duwtje in de rug gegeven. Ik was aan het begin van dat seizoen overgekomen van Geel, en de rivaliteit tussen Westerlo en Geel was toch wel voelbaar. Westelse fans vroegen zich af wat ik daar kwam zoeken en Geelse supporters bekrasten zelfs mijn auto na mijn overstap. Maar omdat mijn speelstijl en mentaliteit perfect bij de filosofie van Westerlo pas(t)en, denk ik wel dat ik het daar sowieso goed gedaan zou hebben.

Na mijn transfer naar Westerlo bekrasten Geelse supporters mijn auto

De viering van die bekerwinst in 2001 moet dan ook uitzonderlijk geweest zijn?

Absoluut, maar ik moet eerlijk toegeven dat ik meer ‘genoten’ heb van de verloren bekerfinale tegen Standard in 2011. Ik heb die wedstrijd intenser beleefd dan die tegen Lommel tien jaar ervoor. Toen was ik een stuk jonger en maakte ik het winnende doelpunt. Ik besefte dat op dat moment niet goed. Ik belandde in een enorme roes en voor ik het wist waren die dag en nacht voorbij. Ook al was die finale natuurlijk leuker, tegen Standard heb ik intenser van alles genoten.

Volg je Westerlo vandaag nog?

Op maandagochtend zet ik de computer wel eens op en bekijk ik de samenvattingen van eerste en tweede klasse. Het nieuws over Westerlo volg ik iets meer op, maar ik ga bijna nooit meer in het stadion kijken. Het is doodzonde dat ze dit jaar de promotiefinale niet spelen, ze waren in het algemeen klassement nochtans bijna kampioen. In play-off 2, als dat doorgaat, zullen ze nu voor niets meer spelen. Die nacompetitie stelt echt niets voor.

Een uitsmijter als laatste vraag: word je nog vaak herkend en gevraagd voor een foto of handtekening?

Dat valt heel goed mee, tijdens mijn carrière was dat natuurlijk veel vaker het geval. De leukste anekdote daarover komt uit 2011. Mijn vrouw en ik gingen met een bevriend koppel op reis naar New York, waar ik “eindelijk niet herkend zou worden” volgens mijn reisgenoten. Toen we om middernacht van het uitzicht op het Empire State Building aan het genieten waren, hoorden we achter ons mensen fluisteren “Ah godverdekke, da’s precies Jefke Delen!” Mijn goede vriend werd er moedeloos van en zuchtte eens. (lacht) Uiteindelijk bleek het een televisiecrew, met onder andere Bart Cannaerts, te zijn. Zij waren in New York voor de prijsuitreiking van een programma. Cannaerts komt bovendien uit mijn streek, vandaar dat hij me meteen herkende. Ons verhaal is nadien een vraag in De Pappenheimers geweest. (lacht)

VIDEO: Latje trappen was duidelijk nooit het grootste talent van Jef Delen…

Delen nam tien jaar geleden deel aan Espinosa, een wedstrijd van het programma Extra Time. Bron: YouTube

VIDEO: De collega’s van Proximus Sports maakten twee jaar geleden al een leuke reportage over Jef!

Bron: YouTube Proximus Sports

Een gedachte over “Jef Delen, de man die overdag het gras maaide en ’s avonds tegen Anderlecht ging spelen

  1. Geweldig interview met geweldige speler van een geweldige ploeg. De ploegopstelling getuigt van de liefde van Jef voor zijn sport, zijn ploeg, zijn instelling, zijn solidariteit, zijn inzet…

    Geliked door 1 persoon

Plaats een reactie